© 2017 by Rebekka Rogiest

  • Black Instagram Icon
  • LinkedIN Rebekka Rogiest
  • Facebook Art Crossing Gent
  • Twitter Rebekka Rogiest Gent

Rebekka Rogiest

Isegrimstraat 65 Gent, 9000

rebekka@artcrossing.be 

Tel: +32 (0)486 920 134 

Therapie bij

rouw& verlies

Rouw, verlies en verdriet
Een klein jaar geleden rinkelt 's ochtends op een doordeweekse dag rond een uur of elf mijn telefoon. 
"Hallo, met Rebekka Rogiest", hoor ik mezelf zeggen. Er is stilte aan de andere kant van de lijn. Enkel een ademhaling. Een beetje hortend en stotend. En enkel seconden later een schor "Hallo"; het is een mannenstem.
"Dag meneer", zeg ik terug.
 
Nog meer stilte. Een stilte van waaruit een geluid ontstaat dat geen mens onberoerd laat: huilen. Niet wenen. Dit is huilen. En dan, doorheen een aan zwalpend geluid van tranen ontstaan klanken. Ik moet me goed concentreren om de woorden te verstaan:
 
"Ik ben mijn vrouw verloren".
Ik wacht even en zeg dan: "Dat is verschrikkelijk". 
Ik besef dat het misschien wel de allereerste keer is dat de man deze woorden luidop heeft uitgesproken en open meteen mijn agenda waarop ik hem een voorstel doe voor een afspraak twee dagen later. In andere situaties had ik waarschijnlijk gevraagd of hij graag een afspraak wou en wanneer dit dan wel voor hem zou passen. Niet deze keer. Niet bij deze man die net een van de moeilijkste woorden in zijn leven leek te hebben uitgesproken.
"Ok", zei hij en er werd ingehaakt.
Ik heb Eddy - zo noem ik de man hier even - sindsdien wekelijks gezien. Elk week was hij er en kwam hij een half uur spreken. Een uur was voor hem ondraaglijk lang waarbij hij steeds leek weg te zakken in een groot zwart gat.
Eddy was een man van weinig woorden. Een vijftiger die al zijn hele leven keihard werkt binnen een hard arbeidersmilieu.
"Ge gaat de woorden uit mij moeten trekken", zei hij vaak, "Ik spreek niet". Dertig minuten later was hij vaak verbaasd: "ik verschiet er van dat ik zoveel vertel".
Eddy was niet alleen zijn vrouw verloren. Hij was zijn steun verloren. De vrouw die hem oriënteerde in het leven en zijn externe motor was. Diegene die het huishouden draaiende hield. Zij deed de boodschappen, de was, de plas, het aankopen van kledij voor haar en hem. Hij werkte. Dat was hun verdeling. Al sinds hij 17 jaar oud was.
De weg van het beeldend werk, was niet Eddy's weg binnen de therapie. We gaven het een kans maar hij kon er niet veel mee. Hij stond er van versteld omdat hij nooit eerder in zijn leven had gesproken over wat hem diep van binnen echt bezighield en dacht dat de weg van 'niet-spreken' gemakkelijker zou zijn. Maar er kwam niets op dat blad papier. 
Doorheen de sessies vertelde hij over zijn "Jeanine", over "de beste vrouw van de wereld zoals er geen twee zijn". Over hoe de kanker haar in geen tijd wist te vernietigen. Over de kwaadheid op de dokters die zich in hun prognose hadden vergist en hoe hij haar schoenen maanden lang recht op de mat zette toen hij thuis kwam.
Er waren moment van tranen van diep verdriet en rouw. Zoals op het moment dat hij zei:" Ik begin te beseffen dat ze nooit meer terug komt. Ik zei vaak tegen mezelf dat ze gewoon lang op reis was. Na vijf maanden zei hij: "Ze is echt dood, hè Rebekka?"
Andere momenten lachten we samen om anekdotes die hij vertelde. 
Eddy leerde de binnenkant van een bankgebouw kennen, zijn huishouden doen, eten maken en invulling geven aan de tijd wanneer hij thuis kwam van het werk. Enkel boodschappen doen, dat blijft hij vreselijk moeilijk vinden: al die rekken en gangen waar om de zoveel tijd plots op dezelfde plaats iets anders ligt?!
Na een tiental maanden zat Eddy voor het laatst in de zetel tegenover me. Haar kledij hangt nog steeds in hun slaapkamer. Haar urne staat nog steeds naast hun bed en hij zegt elke avond iets tegen haar. Beneden staan enkele foto's maar haar schoenen en andere spullen van haar die beneden stonden, staan nu boven in de kast. Hij heeft voor het eerst sinds haar overlijden een klein reisje geboekt naar de plek waar hij vroeger elk jaar met haar heen ging en hij vertelde het me met een glimlach.
"Ik heb nog vaak verdriet en het valt me nog steeds moeilijk als mensen me er over aanspreken. Maar ik voel me op dit moment echt goed en kan weer alleen verder. Ik had zoveel maand geleden nooit geloofd dat dit kon".
 
"Ik weet je wel te vinden als het nodig is", waren de laatste woorden van zijn laatste sessie.
Leven met rouw en verlies volgens Freud
Rouw, verlies en verdriet zijn onlosmakelijk verbonden met het leven. Doch het zijn anderen dingen. Verdriet is onze reactie op een verlies, rouw is de wijze waarop we dat verdriet verwerken.
Maar wat is rouw? Wat men ons vandaag ook wil doen geloven: rouw is geen ziekte; al kan je er best ziek van zijn. De best geplaatste persoon om daar een antwoord op te geven is wat mij betreft de rouwende zelf. Want geen twee mensen die rouwen zijn hetzelfde.
Ondaks het geven dat niemand hetzelfde is zijn er af en toe symptomen die bij meerdere mensen worden gezien als het gaat over rouw. Dit wil echter nog niet zeggen dat ze vanuit dezelfde reden zijn ontstaan.
 
Wie rouwt wordt vaak volledig door dat rouwproces in beslag genomen, is vaak in de verste verte niet geïnteresseerd in wat er zich in de buitenwereld afspeelt, stopt vaak zijn bezigheden en is absoluut niet geïnteresseerd in het beminnen van anderen.
Freud omschreef rouw als het lange en pijnlijke proces van het losmaken van het libido van het verlorene. Dit verlorene hoeft niet alleen het verlies van een persoon te betreffen maar kan even goed gaan over een verlies door scheiding of vervreemding.  In elk geval gaat het over het verdwijnen van een belangrijk referentiepunt in het leven waarop iemands liefde was gericht. Freud geeft dat dat het rouwen ons in de eerste plaats zoveel moeite kost omdat onze haat zo intens was. En niet omdat we teveel van iemand hielden. Dit van elkaar gescheiden krijgen is lang niet altijd zo evident en maakt dat wie rouwt zich onmachtig en gevangen kan voelen. Hoe meer de negatieve gevoelens ten aanzien van de overleden domineren op de positieve gevoelens, hoe moeilijkere het vaak is om van hen los te komen. De aanwezigheid van deze tegenstrijdigheid kan er voor zorgen dat jij je schuldig gaat voelen en jij jezelf de vraag gaat stellen wat je allemaal anders had kunnen doen. Hoe meer we tijdens het leven met de overledene in staat waren gevoelens van liefde én haat  uit te spreken ten aanzien van elkaar, hoe 'gemakkelijker' het rouwproces zal verlopen.

De taak die je  als rouwende te doen staat is dus complex: je moet immers een onderscheid gaan maken tussen wie je hebt verloren en wat je nu juist aan die persoon hebt verloren.(Leader, 2011)

Leven met Verlies in 2018 volgens Lacan
Lacan (een Franse psychiater die de theorieën van Freud door genomen had en herwerkte naar wat wat volgens hem logischer en juister leek) schrijft in zijn tiende seminarie over "l'Angoisse" dat hij het helemaal niet eens is met Freud zijn idee dat het rouwproces er op gericht is omde banden met wat men de overledene heeft verloren los te maken. In tegendeel, hij gaat ervan uit de banden met overleden behouden blijven.  (Lacan, 2004/1962-1963)
Lacan geeft aan dat het de taak is om de banden te herstellen met wat de rouwende exact heeft verloren aan de overleden. Wanneer dit duidelijk wordt, kan er een ander iets gevonden worden dat op deze plaats komt te staan.
 
De taak die je als rouwend hebt is dus complex: je moet immers een onderscheid gaan maken tussen wie je hebt verloren en wat je nu juist aan die persoon hebt verloren. Dit is niet gemakkelijk. Als je van iemand bent gaan houden die optreedt als evenbeeld van jezelf dan bestaat de kans dat je met het verlies van deze persoon ook jezelf verliest. Het is dan niet onlogisch (maar wel moeilijker om uiteindelijk de draad terug te kunnen opnemen) dat je deze band niet wil verbreken. (Leader, 2011, p. 156)
Een ander aspect bij het rouwen is dat de rouwende ook moet gaan erkennen dat jij zelf op een of andere manier ook een invulling was voor een gemis dat de overledene had: wat betekende jij voor de andere? Als je het gemis bent van iemand, dan wil dit ook zeggen dat hij/zij ook zijn/haar gevoel van gemis op jou projecteerde. Met andere woorden: er werd van jou gehouden. We houden van iemand die iets heeft dat wijzelf missen. Rouwen gaat dus voor Lacan ook deels over het feit dat we rouwen om dat wat wij betekenden voor die andere.
Vele rouwenden vragen zich af in welke mate zij een gemis waren voor de overledene. (Leader, 2011, p. 185). Kort gezegd betekent dit dus ook dat we door het verliezen van de betekenisvolle andere, ook iets van onszelf verliezen.
Als je moeder komt te overlijden, verlies je niet alleen je moeder maar ook de blik van je moeder. Als de blik van je moeder weg valt, door haar overlijden, verlies je ook een stukje van jezelf. Je verliest ook het stukje van hoe je dachten dat je was in de ogen van je moeder
Wie rouwt, rouwt niet alleen om het verlies van de dierbare, maar evengoed om wat zij voor ons betekende en wat wij voor hen betekenden. 
Hoe rouw rauw is en toch draaglijk kan worden
Rouwen is energievretend want het behelst een enorm proces. Het is een proces dat tijd vraagt en je alleen op jouw eheel eigen tempo kan doen. Het gaat over afscheid nemen en het komen tot het punt waarop je het verschil kan verwoorden tussen het verlies van je dierbare(n) en de plek die ze voor jou innemen. Pas dan komt er ruimte en energie vrij om nieuwe investeringen doen en anderen in diezelfde lege ruimte toe te laten en een plaats te laten innemen. Op een gegeven ogenblik is het moment daar dat je, op een onbewust niveau, kan erkennen dat de mensen die we liefhebben voor een deel altijd al weg waren, ook toen we hen nog bij ons hadden. (Leader, 2011)
Tijdens een rouwproces wordt jouw pijn, verdriet en lijden gehoord en mag het er zijn. Langs de andere kant wordt bekeken hoe er geheel op jouw tempo zicht kan gekregen worden op wat het werkelijk is dat je hebt verloren; het verlies onder het verlies als het ware.  Wat jij voor hem/haar betekende. Er worden samen oplossingen gezocht hoe jij opnieuw regisseur kan worden van jouw leven zonder er ook maar verwacht wordt dat jouw verlies 'over gaat'. Er wordt in de eerste plaats gekeken hoe je mét het verlies opnieuw een plaats kan innemen in het leven.

 Rebekka Rogiest heeft haar praktijk als rouw-en verliestherapeut, creatief therapeut beeldend en psychoanalytisch psychotherapeut te Gent. Zij is co-auteur van "Ze Maken Ons Kapot, Meneer (2017) en auteur van "Create For Change" (2018).  Zij is ondervoorzitter van de vakgroep voor beeldende therapie in België, bacheloreproef-begeleider van studenten Creatieve Therapie aan de Arteveldehogeschool en geregeld gastdocent.

 

In haar praktijk geeft zij zowel individuele als groepstherapie en is zij bezielster van Project Assemblage.

 

Je kan haar contacteren via de contactgegevens onderaan.